Zondag, na het eten, belde ik mijn moeder in Indiana. Ik vertelde haar dat Mike Conley, 39 jaar, in een oefenmatch tegen Charlotte de rotaties van Boston had beheerd. Joe Mazzulla had het hem voor de match gevraagd. Volgens Basket USA waren het zijn eerste stappen als coach.
Ze wilde weten wat hij gedaan had. Ik zei: na twee minuten pakt Derrick White zijn tweede fout, en Conley laat hem op het parket staan. White maakt geen fout meer, en Conley houdt zijn plannen. Mijn moeder zei dat dat moedig was. Ik dacht aan 2000, mijn eerste seizoen in Charleroi. Twee fouten vroeg in de match, en mijn coach zette me het hele eerste kwart op de bank. Ik heb nooit geweten of hij gelijk had. Niemand heeft het nagekeken.
Conley zei tegen Basket USA dat het er „echt om ging de denkwijze van een coach te ontdekken en wat het betekent om die beslissingen in handen te hebben”. En Mazzulla zat naast hem en hielp hem op een paar punten. Let me tell you, zo ben ik met mijn U10 begonnen: een oudgediende van de club naast me, die op mijn arm tikte als ik de box-out vergat.
Ik voegde eraan toe dat in de peiling van de GM’s de helft hem had aangeduid als de actieve speler die de beste coach zou worden. Dat Sam Hauser zei dat hij „een waanzinnige coach” zou zijn. En dat hijzelf nog niets beslist heeft, hij wil gewoon in het basketbal blijven, als bestuurder, coach of iets anders.
Het bleef even stil op de lijn. Toen vroeg mijn moeder wie Conley had gekozen. Ik zei: zijn coach. Ze vroeg waarom zijn coach dan niet coachte. Ik zei dat het was om het hem te leren. Ze zei dat als je iemand iets wilt leren, je hem zijn gang laat gaan en zwijgt. Ik herinnerde haar eraan dat Mazzulla toch een beetje praatte.
Ik blijf ook naast de penningmeester zitten. En ik praat veel, hé.
Mijn moeder dacht na en zei dat de jongen een speler met twee fouten op het veld had gelaten en dat er geen meer bij was gekomen. Ze zei: zie je wel. Hij heeft al begrepen dat je mensen vertrouwt.
Het klopt, we hebben het nagekeken: Basket USA.







